Bijnamen

Persoonlijk vind ik dat ik een erg mooie naam heb. Al zeg ik het zelf, Baron Barolo van de Hertsenbergh klinkt niet verkeerd. Nu zou je denken dat iedereen mij ook zo noemt, maar niets is minder waar. Barol is nog het minst erge wat ze tegen me zeggen. Baas zegt vaak ‘menneke’ tegen mij. Oké, dat gaat ook nog wel. Barbra zegt vaak ‘snoet’ en dat is ook nog niet zo erg. Vincent roept altijd ‘Djieng Doeu’ tegen mij en dan bedoelt hij mij. Gek hè.

Maar wat al niet rijmt op Barol. Vrouwtje doet dat het meest. Soms maakt ze er zelfs liedjes van. Barol van Drol is een rare oliebol. Rolliebol, Bah Drollo (als ze vindt dat ik stink) of gewoon drolliebol

Rolliebollie Stokje, rare hond, waarom lig jij op de grond, zingt ze wel eens. Stomme vraag en het antwoord is: IK MAG VAN JULLIE NIET OP DE BANK LIGGEN. WEET JE NOG?

Geloof maar niet dat ik overal naar luister hoor. Ik ben Baron Barolo van de Hertsenbergh en ze mogen me gewoon Barolo noemen. Barol mag ook nog en vooruit, als ze me iets lekkers geven, wil ik ook nog wel naar Snoet of menneke luisteren, maar de rest is toch niet om aan te horen. En dan zeggen ze dat ik een rare oliebol ben. Wat ze zeggen zijn ze zelf!

Een Berner van stand.... Toch?

Jullie horen de laatste tijd weinig van mij, maar dat is niet mijn schuld. Ik maak genoeg mee, daar gaat het niet om. Nee, het ligt aan vrouwtje. Die had iets met haar arm en kon niet zolang achter de computer zitten. En nu het beter gaat, moet ze eerst haar werk afmaken.

‘Nee Barol’, zegt ze dan. ‘Eerst de dingen die echt af moeten, daarna komen jouw verhalen wel weer. Wat in het vat zit, verzuurt niet.’ Geen idee, wat ze daarmee bedoelt. Wanneer leren mensen nou eens dat ze duidelijk tegen honden moeten zijn.

Dus binnenkort komen er vast wel verhalen over mijn vriendin Beau – eh ja, ik ben een beetje verliefd – en mijn beste vriend Bobby. Misschien dat vrouwtje van hen ook foto’s kan maken. Ik denk dat jullie hen ook wel leuk zullen vinden.


Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Het is ook nooit goed!

Jullie weten vast al dat ik altijd iedereen wil helpen. Komt het vrouwtje thuis met zware boodschappentassen, sta ik erbij om te kijken of ik alvast iets uit de tassen kan pakken. Dan hoeft zij minder te sjouwen, begrijp je. Maar vrouwtje begrijpt dat niet. Ik mag haar niet voor de voeten lopen als zij met zware boodschappentassen naar de keuken wil lopen, zegt ze.

En als iemand in de keuken met eten bezig is, sta ik al klaar om alles dat op de grond valt, gelijk op te ruimen. Helemaal geen punt, maar je moest eens weten hoe vaak ik word weggestuurd. ‘Uit de keuken’, roepen ze dan. ‘Straks struikelen we nog over je’. Meestal ga ik op de grens tussen de woonkamer en de keuken liggen en houd gewoon goed in de gaten wanneer ik in actie moet komen. Maar wees eerlijk. Mijn kop is toch veel dichter bij de grond. Het is toch veel gemakkelijker dat ik alles van de grond opraap. Mensen moeten veel dieper bukken. Ze vinden mij te selectief, zeggen ze. Ik pak alleen de dingen op die eetbaar zijn en daar hebben ze niets aan, vinden ze.

En nu laatst weer. De mensen hadden iets op een schoteltje bij de koffie. Normaal gesproken ruimt vrouwtje dat gelijk op, maar zij werd weggeroepen en de anderen lieten het gewoon op tafel staan. Zielig hè voor vrouwtje. Ik besloot haar te helpen en alle schoteltjes alvast met mijn tong af te wassen. Dat is best een klus hoor. De schoteltjes mogen niet van tafel afvallen. Geconcentreerd likte ik schoteltje voor schoteltje af totdat ineens het vrouwtje hoorde roepen: ‘Barolo, ben je helemaal gek geworden. Foei, dat mag niet.’ Ik schrok er van en rende naar de gang. Wat had ik nu weer fout gedaan? Ik hielp het vrouwtje toch? Waarom was ze nu boos op mij? Ik snapte er niets van en likte mijn bek nog eens af. Mmm, dat mensenspul op die schoteltjes was best lekker.

Zo hee, dat is lekker!

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Wil jij pootbal met mij spelen

Wie wil met mij pootbal spelen? Kom nou, probeer nou mijn bal af te pakken . Kom op als je durft! Ik snuif en laat de bal piepen. Dan hoort iedereen dat ik pootbal wil spelen.

Ik en mijn pootbal...

Weet je wat pootbal is? Dat is als de bal over de grond rolt en ik er achteraan ren. Ik tik met mijn poot tegen de pal aan en dan rolt de bal vanzelf een stuk verder. Dat is pootbal. Ik speel het wel eens alleen hoor, maar pootbal is veel  leuker als je het samen met mensen speelt. Mensen spelen dat spel met de bal ook met elkaar, alleen heet het dan geen pootbal. Weet je waarom het dan anders heet? Mensen hebben geen poten en zonder poten kun je nu eenmaal geen pootbal spelen.

Kom maar op als je durft!

Soms wil ik wel met de bal spelen, maar heb ik geen zin in pootbal. Dan houd ik de bal gewoon vast en ren vlug weg als ze mijn bal afpakken. Dat is pootbalpakkertje. De mensen spelen soms vals. Dan zeggen ze ineens ‘oh Barolo, moet je daar eens kijken’ en dan wijzen ze met hun vinger ergens naar toe. Nieuwsgierig als ik ben, kijk ik gelijk en vergeet dan mijn pootbal vast te houden.

‘Hebbes’, roepen de mensen dan en rollen de pootbal gelijk door de lange gang. Ik ren er vervolgens  natuurlijk achteraan . Vaak gillen de mensen :  ‘Oei voorzichtig Barol, niet zo hard’,  maar ik stop altijd precies op tijd. Ik ben toch niet zo dom om tegen de voordeur aan te knallen.

Dus wie durft…

Wil je met me spelen?

Geplaatst in Geen categorie | 1 reactie

In het bos

‘Ga je mee naar het bos, Barol’, vraagt vrouwtje. Wat denk je zelf vrouwtje, wil ik mee naar het bos? Wie wil nu niet mee naar het bos, natuurlijk ga ik mee. Het bos is altijd leuk, want daar mag ik lekker los lopen. Dan kan ik overal snuffelen en rennen. En… wie weet kom ik leuke vrienden tegen waar ik even mee kan spelen. Vrouwtje trekt haar schoenen aan. Ik loop om haar heen te draven en duw mijn snuit tegen haar aan. Vrouwtje duwt me opzij. ‘Ga eens weg Barolo, ik moet toch eerst mijn schoenen en jas aantrekken. Je moet me wel een beetje ruimte geven, anders lukt dat allemaal niet.

Even later spring ik in de auto en vrouwtje rijdt weg. Als we bij het bos stoppen, zie ik al andere honden. Ik piep, ik jank en wil zo snel mogelijk uit de auto. Als vrouwtje de deur open doet, spring ik er gelijk uit. ‘Au, mijn vinger’, gilt vrouwtje. ‘Doe nou eens rustig, Barol.’ Kijk dan ook uit vrouwtje! Je stopt zelf die vinger tussen mijn riem. Ik spring alleen maar uit de auto en ik kan er toch niets aan doen dat je vinger dan bekneld zit. Dom vrouwtje!

Snuffel, snuffel... wat ruikt het hier toch lekker!

Eindelijk lopen we het bos in. Ik ren, ik snuffel en ik ren. Af en toe wacht ik even totdat vrouwtje weer bij mij in de buurt is en dan ren ik weer vrolijk verder. Soms ren ik even met een andere hond, maar er zijn ook honden – je weet wel, van die kleintjes – die alleen maar tegen mij blaffen. ‘Dat komt omdat ze een beetje bang voor je zijn, Barolo. Jij bent ook zo groot’, legt vrouwtje uit. Ik vind dat stom. Wie is er nu bang voor mij? Ik wil toch alleen maar spelen. Als ik te dicht bij een sloot kwam, riep het vrouwtje dat ik terug moest komen. Ze was zeker bang dat ik erin zou vallen. Alsof ik zo dom ben. En in die ene sloot zat toch geen water meer? Het was een beetje modderig, maar wie maakt zich nou druk over een beetje modder aan zijn poten. Ik in ieder geval niet!

Wat nou vuile poten...

En weet je wie ik ook in het bos tegen kwam? Suzy!!!! Weten jullie nog wie dat is? Nee zeker, maar dat geeft niet hoor. Ik snuffelde even en rook gelijk dat het Suzy was.* (zie http://baronbarolo.wordpress.com/2010/10/29/over-barolo-hummer-en-suzy/ )

Hé Suzy, jij ook hier?

Wat waren wij blij om elkaar weer te zien. Nu konden we samen rennen en samen andere honden besnuffelen. Want zeg nou zelf, samen spelen is toch het allerleukste dat er is.

Samen rennen is zo leuk!

 
Geplaatst in Geen categorie | 2 reacties

Niet eerlijk

Baas en vrouwtje zijn zonder mij weggegaan en dat is niet eerlijk. Ik zag heus wel dat ze allemaal spullen in de auto zetten, maar ik dacht echt dat ze mij mee zouden nemen. Niet dus en ik moet thuis blijven bij Vincent en Barbra.

‘Dan kun jij op het huis passen als zij even niet thuis zijn’, zegt vrouwtje. Nou en daar ben ik blij mee. Gut, gut, wat kan ik goed op het huis passen als ik van hen in de gang moet liggen. In de gang, jawel en weet je waarom? Omdat zij vinden dat ik anders allemaal dingen doe die niet mogen.  Zij vinden de gang juist goed, want als ik bij de voordeur lig, kan er niemand naar binnen. Duh, natuurlijk laat ik mij niet opzij duwen. Echt niet. Weet je wel hoe zwaar ik ben?

Ik waak/slaap in de gang....

 

En het duurde maar en het duurde maar. Mijn baasjes bleven weg. Af en toe zag ik dat Vincent of Barbra  zaten te praten met zo’n ding aan hun oor, bellen noemen ze dat, en dan hoorde ik ze zeggen dat Barolo, ik dus, nog steeds dezelfde ‘ouwe klierderige zelf’ was. Daarna kreeg ik een extra dikke knuffel van ze. ‘Van de baas en vrouwtje’, zeiden ze dan. Nee, daar heb je wat aan. Waren ze maar weer thuis.

Zouden mijn baasjes weg zijn omdat ik altijd zo loop te klieren? Misschien moest ik daar dan toch maar eens mee stoppen. En warempel,  na twee dagen de lieve rustige hond gespeeld te hebben, zei Vincent dat baas en vrouwtje terug zouden komen. Ik geloofde hem niet. Eerst zien, dan geloven, zo ben ik. Aan het eind van de dag, ik was zelfs al uit geweest en Vincent had mijn avondprak klaar staan, hoorde ik de auto van de baas.

Ik rende naar de deur, maar de deur zat dicht. Ik rende naar het raam en zag de baas. Ik hoorde de stem van vrouwtje. Ik rende naar achteren en daar zag ik de baas door de tuin lopen en toen… eindelijk… ging de deur open. VROUWTJE!!!! Ik rende op haar af, wilde springen, maar bedacht me net op tijd. Ik leunde even tegen haar aan, rende rond de tafel, naar de keuken. Daar stond immers mijn prak.  Ik wilde eten. Vrouwtje, ik wil kroelen en opnieuw  rende naar vrouwtje. Ik piepte, ik jankte en blafte. Man, wat was ik blij. In de bocht slipte ik en gleed bijna uit. Gaf niks, ik rende gewoon door. Vrouwtje was weer thuis, ik ben blij, ik ben blij en… ik had nog steeds honger. Eigenlijk heb ik altijd honger.

‘Barol, doe eens rustig. Kom even hier, dan kan ik even met je kroelen’, lachte vrouwtje. Nou heel even en toen kwam de baas ook binnen. Ik rende op hem af, sprong tegen hem op en rende weer door. Naar de keuken, daar stond nog steeds mijn prak en ik had me een  honger. Baas is terug, vrouwtje is terug en ik wil eten. Ik ben blij, zo blij…, maar mag ik nu alsjeblieft eindelijk mijn prak hebben?

Zien jullie niet dat ik honger heb?

Geplaatst in Geen categorie | 1 reactie

Op de bank

‘Honden horen niet op de bank’, zegt vrouwtje vaak . ‘En jij zeker niet Barol’, vervolgt ze altijd.  Weet je waarom ik niet op de bank mag? Omdat ik te groot ben. Als ik op de bank lig, kan er niemand bij, denken ze. Dat valt reuze mee. Zo groot ben ik nou ook weer niet. Bovendien kwijl ik de bank onder, zeggen ze. Eh ja, eh… nou ja eerlijk gezegd kwijl ik af en toe wel een beetje. Daar kan ik echt niets aan doen. Dat gebeurd vanzelf en als ik lekkere luchtjes ruik, is het nog veel erger. En de mensen willen geen kwijl van mij op hun kleding. Ze gillen al als ik mijn bek aan hun broek afveeg. Stelletje aanstellers. Alsof dat zo erg is. Het is gewoon schone kwijl met hier en daar een grasspriet.

En er zit altijd zand in je vacht als je van buiten komt, vinden mijn baasjes.  Klopt, maar daar begrijp ik zelf ook niets van. Ik lig echt niet op de grond als ik word uitgelaten. Ik loop alleen door het hoge gras. Dat is wel eens een beetje nat, maar zand… het is ook mij een raadsel hoe dat in mijn vacht komt. Als ik weer thuis ben en op de grond ga liggen, droogt mijn vacht vanzelf. En als ik na een tijdje opsta, ligt er ineens allemaal zand op de vloer. Alsof daar iets aan kan doen! Hadden ze maar geen donkere vloer moeten nemen. Nu valt het extra op!

 

Dus daarom mag ik niet op de bank en natuurlijk doe ik dat nooit. Ik zou niet durven. Vrouwtje denkt soms wel dat ik op de bank lig, maar kijk eens goed naar deze foto’s. Lig ik op de bank of niet? Ik vind van niet.

Drie poten op de grond, dus lig ik niet op de bank... toch?Ik lig nog steeds niet op de bank... Echt waar niet!

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

Ik lig nog steeds niet op de bank... Echt waar niet!

Geplaatst in Geen categorie | 4 reacties

Barolo en de Berner wie-doet-er-mee dag

Barolo’s Keuringsrapport

Reu, 15 maanden met goed geslachtstype van goede maat

Ja, en daar ben ik trots op en show het maar wat graag! Ik lig niet voor niets zo vaak op mijn rug…

Ik schaam me nergens voor! Ben er zelfs trots op...

 

 

 

 

 

Goed ontwikkeld hoofd, gebit, twee tandjes lang, toont een beetje lip, mooi donker oog

Dus ik ben een knappe hond, maar dat wist ik al. En van die tanden kon ze nooit gezien hebben. Ik laat me niet zomaar in mijn bek kijken. Ik doe mijn bek alleen vrijwillig open om te blaffen, te hijgen en natuurlijk om te eten.

Maar wat zeuren mensen toch over mijn lippen. Mijn baasjes praten ook al over een lipcorrectie omdat ik zoveel kwijl. Alsof ik daar iets aan kan doen en nu begon zij over mijn pruillip. Iedere Berner zou een pruillip moeten hebben. Als je dan iets stouts doet en je baasjes zijn boos, kijk je gewoon zielig en met die pruillip erbij, maak je je baasjes zo weer aan het lachen. Echt een succes, zo’n pruillip. Die wens ik iedere hond toe!

Arme, zielige ik...

Nu nog wat oplopende ruglijn.

Duh, geef me dan meer eten. Groei ik nog even door totdat ik helemaal op gelijke hoogte ben. Maar dat kan ik wel schudden. Ik hoorde wel dat ze tegen vrouwtje zei dat ze uit moet kijken dat ik niet te dik wordt. Hoe moet ik groeien als ik niet alles mag eten?

Hoekingen voor- en achter voldoende. Draait rechtsvoor regelmatig een beetje naar buiten.

Hé, ik ben wel een stoere Berner en die moeten een beetje breed staan.

Goede aftekening met mooie brand

Tja, ik ben ook best tevreden met mezelf

Goede haarstructuur, goed bone. Voor leeftijd voldoende ontwikkeld lichaam.

Is dat stomme wassen en borstelen toch niet voor niets geweest.

Gangwerk: Nu nog zeer jeugdig, ongecontroleerd met achter nog weinig gerichte beweging

Hé, ik moest naast vrouwtje aan de riem lopen. Zij kan niet zo hard lopen. Dus de volgende keer ren ik wel even alleen. Kunnen ze zien dat ik echt wel goed kan rennen. En hard ook!

Vriendelijke, temperamentvolle hond

Nou, zie je wel dat ik vriendelijk ben. En dat andere begrijp ik niet helemaal of is dat hetzelfde wat mijn baasjes ‘een beetje druk’ noemen?

Kijk mij eens netjes bij mijn vrouwtje staan!

Na de keuring mocht ik nog een paar spelletjes doen. Eerst moest ik kijken hoe anderen het deden en daarna mocht ik samen met de baas rondlopen. Er stonden palen met stokken ertussen en ze wilden dat ik daarover heen sprong. Zo stom. Ik kon er gemakkelijk omheen lopen en dan ga je toch niet springen. Dat baas dat nou deed, moest hij weten, maar ik maakte wel een korte wandeling. Net zo gemakkelijk. Toen moest ik door een buis rennen. Ik vloog erin en ineens begon het ding te wiebelen. Ik wist niet hoe snel ik mijn lijf in zijn achteruit moest zetten. Wel lachen, want vrouwtje stond met de camera aan de andere kant. Die dacht dat ik dit wel zou durven.

Vervolgens  deden we een leuk spel; worsthappen! In 15 seconden vier stukken worst van een ring afhappen. Geen enkel probleem. Volgens de vrouw die daarbij stond, was ik de vierde hond die dag, die het binnen de tijd gelukt was. Toen ik klaar was wilde ik nog even doorgaan met de rest van de worst in de zak op de grond. Maar blijkbaar wilden ze niet weten hoe snel ik een hele zak worst op kon eten. Jammer, heel jammer. Dan was ik zeker kampioen worsteten geworden!

Na het worsthappen heb ik nog een spelletje samen met vrouwtje gedaan. Er zijn bewegende beelden van, maar die mogen van vrouwtje niet vertoond worden. Het spel ging zo. Vrouwtje moest op een grote roze bal zitten. Ik begon tegen die bal te blaffen en vrouwtje begreep het gelijk. Een roze bal… die blauwe was veel mooier. Vrouwtje moest met die bal omhoog springen en samen met mij een eindje lopen. Skippybalrace noemden ze dat. Ik vond het wel leuk, maar vrouwtje vond het echt moeilijk. Ze viel er zelfs een keer af en dat kwam echt niet door mij hoor. Echt niet… of wel een beetje, maar dat kwam omdat ik om haar heen sprong. Het was ook zo’n raar gezicht, vrouwtje op een skippybal!

Toen mocht ik nog lekker spelen op een groot veld en aan alle honden, die ik nog niet begroet had, snuffelen. Dat ik even mijn poot zeer deed, was jammer. Gelukkig was baas in de buurt en toen ik naar hem toe strompelde, wreef hij een paar keer over mijn poot en was het zo over.

Spelen met mijn nieuwe vrienden

Een prijs heb ik niet gewonnen en dat is helemaal niet erg en ik heb ook niet de poedelprijs gewonnen. Gelukkig maar, want dan zou ik me echt rotschamen. Een poedelprijs voor een stoere Berner. Hoe verzinnen ze het!

Het was wel een topdag en voor alle teefjes, die ik te enthousiast begroet heb… Sorry, Ik kan daar niets aan doen. Dat ligt aan mijn temperament, zeggen ze! Kijk maar in mijn juryrapport…

Op weg naar huis heb ik veel geslapen. Ik was best moe en ’s avonds heb ik mijn baasjes al vroeg gevraagd of ze me alsjeblieft wilden uitlaten. Ik wilde naar mijn bench, want ik was echt toe aan een goede nachtrust.

Geplaatst in Geen categorie | 2 reacties